Bij de première van The Seed of the Sacred Fig op het festival van Cannes nam regisseur Mohammad Rasoulof twee foto’s mee. In zijn rechterhand zag de wereldpers acteur Misagh Zare, op links actrice Soheila Golestani. Het was niet dat Cannes de twee hoofdrolspelers niet had uitgenodigd: Zare en Golestani mochten Iran niet uit en konden niet komen. Negen maanden later, wanneer we Rasoulof spreken op het International Film Festival Rotterdam, mogen de acteurs het land nog steeds niet verlaten.
De cast en crew van The Seed of the Sacred Fig hebben zich volgens de Iraanse overheid schuldig gemaakt aan twee misdrijven: ‘propaganda tegen het regime’ en ‘het verspreiden van immoreel gedrag’. Ook Rasoulof zelf werd veroordeeld tot 8 jaar cel. Voordat het zover kwam, vluchtte hij naar Duitsland, samen met castleden Mahsa Rostami en Setareh Maleki. De twee gezichten op de foto’s bleven achter.
The Seed of the Sacred Fig is een gezins- en paranoia-thriller te midden van de protesten in Iran na de dood van de 22-jarige Jina Mahsa Amini in 2022. Ambtenaar Iman (gespeeld door Zare) heeft net promotie gemaakt en wordt langzaam maar zeker net zo achterdochtig als het regime dat hij dient. Opeens mogen zijn ooit zo vrije dochters (gespeeld door Rostami en Maleki) niks meer: voorbeeldig zullen ze zijn. Als buitenshuis de protesten uitbreken en door de overheid met harde hand de kop in worden gedrukt, heeft Iman liever niet dat zijn kinderen daar filmpjes van op Snapchat zien. En als papa zijn dienstwapen ineens kwijtraakt, is het ooit zo vredige gezinsleven al helemaal verleden tijd.
Rasoulof was liever natuurdocumentairemaker geworden, vertelt hij ons in Rotterdam. Maar het land waarin hij opgroeide had iets anders van hem nodig. Met behulp van video’s van ooggetuigen, die The Seed of the Sacred Fig als stories op je Instagram-feed doorsnijden, laat hij in zijn film een gezin zien dat op ontploffen staat, en een land waar de bom al lang gebarsten is.
Ik wilde beginnen bij de telefoons. De smartphone is zo essentieel voor je personages, dat het bijna een spannendere prop wordt dan het pistool van vader Iman. Wat voor rol wilde je technologie en sociale media laten spelen?
‘Sociale media hebben een totaal ander doel voor de mensen in Iran dan voor jongeren in andere delen van de wereld. Systems of oppression manipuleren de realiteit door controle te houden op publieke ruimtes en media, op een manier die alleen hun doelen dient. Daarom mogen journalisten vaak hun werk niet meer uitvoeren tijdens protesten, of andere situaties waarin de onderdrukking door het regime heel zichtbaar is.’
‘Je ziet hierin ook een verschil tussen de moeder en haar kinderen. De moeder is gewend om haar informatie van de televisie te krijgen. Haar kinderen weten heel goed dat ze niet op de Iraanse tv kunnen vertrouwen. Zij zoeken zelf naar de waarheid.’
‘Sociale media en smartphones zijn een middel voor demonstranten en burgers geworden om het geweld dat plaatsvindt vast te leggen en te verspreiden. In de handen van een demonstrant wordt een smartphones een tool: een object dat de macht heeft om het regime te ontmaskeren. Video’s zijn een getuigenis van de realiteit die in schril contrast staat met de gekunstelde realiteit van het regime.’
In de film maak je gebruik van echte video’s van de protesten in Teheran. Hoe heb je die gevonden en geselecteerd?
‘Het zijn video’s die anoniem gedeeld werden op sociale media, door mensen die zelf bij de protesten aanwezig waren. Eerst hebben we meer dan 4 uur aan materiaal verzameld. Daarna maakten we een selectie op basis van de thema’s van de film. Op momenten dat het gaat over de onderdrukking van studenten, laten we beelden zien van universiteitsprotesten. In het laatste deel van de film zien we beelden van het verzet en de veerkracht van de demonstrerende vrouwen. Alle video’s bereiken ook de ogen van de personages, die zich gaandeweg bewust worden van de politieke realiteit waar ze in leven.’
Je film stelt drie Iraanse vrouwen centraal. Waren de ervaringen van je cast van invloed op het verhaal dat je wilde vertellen?
‘Onderdeel zijn van een filmproject als dit, vereist iets dat verder gaat dan cinema. Dit soort kunst – dit soort films – heeft mensen nodig die het protest belichamen. Iedereen die in deze film speelt, is de straat op geweest. De film ligt in het verlengde van hun veerkracht en activisme.’
‘Soheila Golestani is voordat ze in deze film speelde gearresteerd omdat ze onderdeel was van een protestvideo. Van Mahsa Rostami, die de oudere zus speelt, weet ik dat ze vaker de straat op is gegaan en weet hoe het is om klappen van de politie te krijgen. De actrice die het jongere zusje speelt, Setareh Maleki, ging viral met een protestvideo voordat ze besloot mee te werken aan deze film.’
Is er dan nog een scheidingslijn tussen film als kunstvorm en film als activisme?
'Als je onder een regime leeft dat alles wat je doet in z’n greep houdt, wordt elk verhaal over macht onderdeel van de revolutie. En het maken van film wordt een vorm van activisme. Sterker nog: gewoon jezelf zijn wordt iets revolutionairs.’
‘Tegelijkertijd kan stilte ook een politieke daad zijn. In deze context is niks apolitiek. Alles is revolutie. Ook het niet hebben van een mening. Onwetendheid verwelkomt machthebbers. Al het andere is een vorm van verzet.’
Hoe zouden je films eruit zien als je ze in totale vrijheid kon maken? Was je dan überhaupt regisseur geworden?
‘Ik denk dat ik altijd films zou zijn gaan maken, zelfs als ik niet Iraans was of niet in deze context leefde. Ik wilde eigenlijk natuurdocumentaires maken voor National Geographic. Als ik onder meer democratische omstandigheden leefde, zou ik misschien films maken als die van Ruben Östlund [regisseur van Triangle of Sadness], of Ken Loach [regisseur van The Old Oak].’
Dat zijn ook twee heel politiek geëngageerde makers.
‘Ik zou altijd films over sociale issues zijn gaan maken. Mijn ouders waren docenten, dus ik ben opgevoed met het idee dat ik me bewust moet zijn van wat er om me heen gebeurt.’
‘Het ding is: als je opgroeit in een systeem als dat van Iran, verandert er iets in je. Het is onmogelijk om dat nog ongedaan te maken. Het is voor mij onmogelijk om over bepaalde thema’s na te denken, zonder ook de barrières en vormen van onderdrukking die rent free in mijn hoofd zitten mee te nemen. We moeten accepteren dat mensen die extreme vormen van onderdrukking hebben meegemaakt, sommige dingen internaliseren. Dat draai je niet zomaar terug, ook niet als de context verandert.’