Begin 1977 had Tony Kiritsis er genoeg van. Hij had een perfect plan uitgedokterd om eindelijk zijn schaapjes op het droge te krijgen. Hij had een stuk grond gekocht om een shoppingcenter te bouwen, een idee waarvoor hij allerlei winkeliers hoopte warm te maken. Alleen vielen die contacten één voor één in het water, en Tony kon de lening die hij had aangegaan bij hypotheekmakelaar Meridian Mortgage niet meer afbetalen. Volgens Kiritsis had die makelaar het project doelbewust laten mislopen, om de grond goedkoop te kunnen overnemen en er zelf grof geld aan te verdienen.
Dus reed hij op 8 februari naar Meridian Mortgage om zijn onvrede te uiten. En daar had hij iets bijzonders voor in elkaar geknutseld, een metalen lus die vastgemaakt was aan de trekker van een geweer. Die lus legde hij rond de hals van Richard Hall, als zoon van de grote baas tweede man van het hypotheekbedrijf. Het doel: Halls vader, de CEO van Meridian, ertoe dwingen om toe te geven dat ze Kiritsis in de zak hadden gezet, zich publiekelijk te verontschuldigen en een schadevergoeding te betalen. Binnen de kortste keren draaide de gijzeling uit op een mediacircus waarin zelfs een lokale radio-DJ een belangrijke rol kreeg.
In 2018 creëerden Alan Berry en Mark Enochs al een meeslepende documentaire, ‘Dead Man’s Line’, rond de spraakmakende affaire. Daarvoor konden ze gebruikmaken van de vele nieuwsbeelden uit 1977. In ‘Dead Man’s Wire’, zijn gedramatiseerde versie van hetzelfde verhaal, voert regisseur Gus Van Sant ook geregeld fragmenten van die historische footage op. Of hij bevriest shots plots om het gevoel van een persfoto op te roepen. Qua ambiance is de film ook een schot in de roos. Het is alsof Van Sant met zijn crew naar de jaren 1970 is teruggekeerd om daar te draaien, en de haarfijn gecureerde soundtrack maakt het plaatje compleet.
De film balanceert ook knap tussen de komische kant van de hele toestand — met zijn waanzinnige chaos, maffe personages en algehele incompetentie — en de trieste ondertoon van wantrouwen, eenzaamheid en egoïsme. In tegenstelling tot wat zijn onderwerp laat vermoeden is ‘Dead Man’s Wire’ dan ook veel meer een entertainend ironisch drama dan een spannende thriller. Van Sant spiegelt zich daarbij aan ‘Dog Day Afternoon’, de klassieker van Sidney Lumet uit 1975, zonder ooit dat niveau te halen. Al Pacino, die toen de hoofdrol speelde, krijgt in ‘Dead Man’s Wire’ trouwens ook een cruciale rol.
Dead Man’s Wire
In zijn nieuwe film richt Gus Van Sant (Good Will Hunting) de camera op een man die een hypotheekmakelaar gijzelt om een schuldbekentenis en excuses af te dwingen. En het is nog echt gebeurd ook.
