Review

Marty Supreme: De verbeten queeste van een pingpongtalent

Ruben Nollet

Er zijn veel redenen waarom Marty Supreme de aandacht trekt, en daar hoort de muziekkeuze zeker ook bij. Het verhaal speelt zich af in jaren 1950, maar regisseur Josh Safdie vult zijn soundtrack met songs uit de vroege jaren 1980, van Peter Gabriel tot Public Image Limited. In die optiek had hij perfect kunnen kiezen voor een liedje van Herman Veen (weliswaar uit 1979): Opzij. De hele film door doet de hoofdfiguur namelijk weinig anders dan rennen, springen, vliegen, duiken, vallen, opstaan en weer doorgaan. In de trant van de centrale personages uit Good Time en Uncut Gems, de vorige films van Safdie (toen samen met broer Benny), maar nog een graadje beklijvender.

De Marty uit de titel is Marty Mauser, een jonge kerel uit New York met een grote droom: zichzelf laten gelden als kampioen tafeltennis. Alleen lijkt alles en iedereen hem tegen te werken. Zijn moeder valt hem voortdurend lastig. Een affaire met een buurvrouw leidt ertoe dat ze zwanger wordt — een scène die Safdie visualiseert als een eicel die bevrucht wordt en in een pingpongbal verandert. Zijn oom vertikt het om hem het geld te geven dat hij als (succesvolle) schoenenverkoper verdiend heeft en waarmee hij zijn deelname aan een pingpongtornooi in Londen wil bekostigen. En als hij er toch geraakt, krijgt hij te maken met een Japanse tegenspeler die een ongewone pallet en techniek hanteert.

De hele film door biedt Marty al die uitdagingen het hoofd, met een zelfverzekerdheid die tegen de grens van pure arrogantie aanschurkt en daar soms ver over gaat. Hij is opgetrokken uit pure chutzpah, om een term uit zijn joodse gemeenschap te gebruiken. Het geeft hem een onmiskenbare charme die onverwachte deuren opent, en die acteur Timothée Chalamet met verbluffend gemak uit zijn lijf schudt. Maar het betekent ook dat hij geen moer geeft om anderen. Die zijn er enkel om hem vooruit te helpen, en de kwalijke gevolgen zijn doorgaans voor hen.

Strikt genomen is Marty een kwal van een kerel, een gewetenloze narcist en een manipulator van het zuiverste water. En toch kies je de hele film door zijn kant. Om maar te zeggen hoe aanlokkelijk ongebreidelde ambitie is.

Marty Supreme
Wervelende tragikomedie met een ijzersterke Timothée Chalamet als een jonge pingpongspeler die kost wat kost zijn ambitie wil waarmaken en kampioen worden.

Ruben Nollet

Laatste artikelen